De of het badkamer?
De badkamer
Is het de of het badkamer
In de Nederlandse taal gebruiken wij de badkamer.

Elke dag een e-mail ontvangen met de oefening?
Bekijk hier de betekenis van badkamer
Meervoud: badkamers
English: bathroom
Deutsch: duschraum | Bekijk of het der of die duschraum is.
Français: salle d'eau | Bekijk of het Le o La salle d'eau is.
Jou of jouw: jouw badkamer
Buigings-e:
Mooi of mooie badkamer
Groot of grote badkamer
Half of halve badkamer
Grappig of grappige badkamer
Leeg of lege badkamer
leuk of leuke badkamer
Vet of vette badkamer
Snel of snelle badkamer
Wit of witte badkamer
Klein of kleine badkamer
Rood of rode badkamer
Dik of dikke badkamer
Oud of oude badkamer
Goed of goede badkamer
Wat rijmt er op badkamer
Elk of elke: Elke badkamer
Aanwijzend voornaamwoord: Die badkamer
Bezittelijk voornaamwoord: Onze badkamer
Wat rijmt er op badkamer
Buigings-e:
Mooi of mooie badkamer
Groot of grote badkamer
Half of halve badkamer
Grappig of grappige badkamer
Leeg of lege badkamer
leuk of leuke badkamer
Vet of vette badkamer
Snel of snelle badkamer
Wit of witte badkamer
Klein of kleine badkamer
Rood of rode badkamer
Dik of dikke badkamer
Oud of oude badkamer
Goed of goede badkamer
Wat rijmt er op badkamer
Elk of elke: Elke badkamer
Aanwijzend voornaamwoord: Die badkamer
Bezittelijk voornaamwoord: Onze badkamer
Wat rijmt er op badkamer
Oefening van de dag