De of het bestemmeling?
De bestemmeling
Is het de of het bestemmeling
In de Nederlandse taal gebruiken wij de bestemmeling.

Elke dag een e-mail ontvangen met de oefening?
Bestemmeling is mannelijk
English: recipient
Deutsch: Empfänger | Bekijk of het der of die Empfänger is.
Français: destinataire | Bekijk of het Le o La destinataire is.
Jou of jouw: jouw bestemmeling
Buigings-e:
Mooi of mooie bestemmeling
Groot of grote bestemmeling
Half of halve bestemmeling
Grappig of grappige bestemmeling
Leeg of lege bestemmeling
leuk of leuke bestemmeling
Vet of vette bestemmeling
Snel of snelle bestemmeling
Wit of witte bestemmeling
Klein of kleine bestemmeling
Rood of rode bestemmeling
Dik of dikke bestemmeling
Oud of oude bestemmeling
Goed of goede bestemmeling
Wat rijmt er op bestemmeling
Elk of elke: Elke bestemmeling
Aanwijzend voornaamwoord: Die bestemmeling
Bezittelijk voornaamwoord: Onze bestemmeling
Wat rijmt er op bestemmeling
Buigings-e:
Mooi of mooie bestemmeling
Groot of grote bestemmeling
Half of halve bestemmeling
Grappig of grappige bestemmeling
Leeg of lege bestemmeling
leuk of leuke bestemmeling
Vet of vette bestemmeling
Snel of snelle bestemmeling
Wit of witte bestemmeling
Klein of kleine bestemmeling
Rood of rode bestemmeling
Dik of dikke bestemmeling
Oud of oude bestemmeling
Goed of goede bestemmeling
Wat rijmt er op bestemmeling
Elk of elke: Elke bestemmeling
Aanwijzend voornaamwoord: Die bestemmeling
Bezittelijk voornaamwoord: Onze bestemmeling
Wat rijmt er op bestemmeling
Oefening van de dag