De of het bezoekercentrum?
Het bezoekercentrum
Is het de of het bezoekercentrum
In de Nederlandse taal gebruiken wij het bezoekercentrum.

Elke dag een e-mail ontvangen met de oefening?
English: visitor center
Jou of jouw: jouw bezoekercentrum
Buigings-e:
Mooi of mooie bezoekercentrum
Groot of grote bezoekercentrum
Half of halve bezoekercentrum
Grappig of grappige bezoekercentrum
Leeg of lege bezoekercentrum
leuk of leuke bezoekercentrum
Vet of vette bezoekercentrum
Snel of snelle bezoekercentrum
Wit of witte bezoekercentrum
Klein of kleine bezoekercentrum
Rood of rode bezoekercentrum
Dik of dikke bezoekercentrum
Oud of oude bezoekercentrum
Goed of goede bezoekercentrum
Wat rijmt er op bezoekercentrum
Elk of elke: Elk bezoekercentrum
Aanwijzend voornaamwoord: Dat bezoekercentrum
Bezittelijk voornaamwoord: Ons bezoekercentrum
Wat rijmt er op bezoekercentrum
Buigings-e:
Mooi of mooie bezoekercentrum
Groot of grote bezoekercentrum
Half of halve bezoekercentrum
Grappig of grappige bezoekercentrum
Leeg of lege bezoekercentrum
leuk of leuke bezoekercentrum
Vet of vette bezoekercentrum
Snel of snelle bezoekercentrum
Wit of witte bezoekercentrum
Klein of kleine bezoekercentrum
Rood of rode bezoekercentrum
Dik of dikke bezoekercentrum
Oud of oude bezoekercentrum
Goed of goede bezoekercentrum
Wat rijmt er op bezoekercentrum
Elk of elke: Elk bezoekercentrum
Aanwijzend voornaamwoord: Dat bezoekercentrum
Bezittelijk voornaamwoord: Ons bezoekercentrum
Wat rijmt er op bezoekercentrum
Oefening van de dag