De of het cipier?
De cipier
Is het de of het cipier
In de Nederlandse taal gebruiken wij de cipier.

Elke dag een e-mail ontvangen met de oefening?
Cipier is mannelijk
English: jailer
Deutsch: Gefängniswärter | Bekijk of het der of die Gefängniswärter is.
Français: geôlier | Bekijk of het Le o La geôlier is.
Jou of jouw: jouw cipier
Buigings-e:
Mooi of mooie cipier
Groot of grote cipier
Half of halve cipier
Grappig of grappige cipier
Leeg of lege cipier
leuk of leuke cipier
Vet of vette cipier
Snel of snelle cipier
Wit of witte cipier
Klein of kleine cipier
Rood of rode cipier
Dik of dikke cipier
Oud of oude cipier
Goed of goede cipier
Wat rijmt er op cipier
Elk of elke: Elke cipier
Aanwijzend voornaamwoord: Die cipier
Bezittelijk voornaamwoord: Onze cipier
Wat rijmt er op cipier
Buigings-e:
Mooi of mooie cipier
Groot of grote cipier
Half of halve cipier
Grappig of grappige cipier
Leeg of lege cipier
leuk of leuke cipier
Vet of vette cipier
Snel of snelle cipier
Wit of witte cipier
Klein of kleine cipier
Rood of rode cipier
Dik of dikke cipier
Oud of oude cipier
Goed of goede cipier
Wat rijmt er op cipier
Elk of elke: Elke cipier
Aanwijzend voornaamwoord: Die cipier
Bezittelijk voornaamwoord: Onze cipier
Wat rijmt er op cipier
Oefening van de dag