De of het etablissement?
Het etablissement
Is het de of het etablissement
In de Nederlandse taal gebruiken wij het etablissement.

Elke dag een e-mail ontvangen met de oefening?
English: establishment
Deutsch: Einrichtung | Bekijk of het der of die Einrichtung is.
Français: établissement | Bekijk of het Le o La établissement is.
Jou of jouw: jouw etablissement
Buigings-e:
Mooi of mooie etablissement
Groot of grote etablissement
Half of halve etablissement
Grappig of grappige etablissement
Leeg of lege etablissement
leuk of leuke etablissement
Vet of vette etablissement
Snel of snelle etablissement
Wit of witte etablissement
Klein of kleine etablissement
Rood of rode etablissement
Dik of dikke etablissement
Oud of oude etablissement
Goed of goede etablissement
Wat rijmt er op etablissement
Elk of elke: Elk etablissement
Aanwijzend voornaamwoord: Dat etablissement
Bezittelijk voornaamwoord: Ons etablissement
Wat rijmt er op etablissement
horeca-etablissement -
Buigings-e:
Mooi of mooie etablissement
Groot of grote etablissement
Half of halve etablissement
Grappig of grappige etablissement
Leeg of lege etablissement
leuk of leuke etablissement
Vet of vette etablissement
Snel of snelle etablissement
Wit of witte etablissement
Klein of kleine etablissement
Rood of rode etablissement
Dik of dikke etablissement
Oud of oude etablissement
Goed of goede etablissement
Wat rijmt er op etablissement
Elk of elke: Elk etablissement
Aanwijzend voornaamwoord: Dat etablissement
Bezittelijk voornaamwoord: Ons etablissement
Wat rijmt er op etablissement
horeca-etablissement -
Oefening van de dag