De of het gezang?
Het gezang
Is het de of het gezang
In de Nederlandse taal gebruiken wij het gezang.

Elke dag een e-mail ontvangen met de oefening?
English: song
Deutsch: Gesang | Bekijk of het der of die Gesang is.
Français: chant | Bekijk of het Le o La chant is.
Jou of jouw: jouw gezang
Buigings-e:
Mooi of mooie gezang
Groot of grote gezang
Half of halve gezang
Grappig of grappige gezang
Leeg of lege gezang
leuk of leuke gezang
Vet of vette gezang
Snel of snelle gezang
Wit of witte gezang
Klein of kleine gezang
Rood of rode gezang
Dik of dikke gezang
Oud of oude gezang
Goed of goede gezang
Wat rijmt er op gezang
Elk of elke: Elk gezang
Aanwijzend voornaamwoord: Dat gezang
Bezittelijk voornaamwoord: Ons gezang
Wat rijmt er op gezang
psalmgezang - rondgezang - koraalgezang -
Buigings-e:
Mooi of mooie gezang
Groot of grote gezang
Half of halve gezang
Grappig of grappige gezang
Leeg of lege gezang
leuk of leuke gezang
Vet of vette gezang
Snel of snelle gezang
Wit of witte gezang
Klein of kleine gezang
Rood of rode gezang
Dik of dikke gezang
Oud of oude gezang
Goed of goede gezang
Wat rijmt er op gezang
Elk of elke: Elk gezang
Aanwijzend voornaamwoord: Dat gezang
Bezittelijk voornaamwoord: Ons gezang
Wat rijmt er op gezang
psalmgezang - rondgezang - koraalgezang -
Oefening van de dag