De of het gezichtje?
Het gezichtje
Is het de of het gezichtje
In de Nederlandse taal gebruiken wij het gezichtje.

Elke dag een e-mail ontvangen met de oefening?
English: face
Deutsch: Gesicht | Bekijk of het der of die Gesicht is.
Français: visage | Bekijk of het Le o La visage is.
Jou of jouw: jouw gezichtje
Buigings-e:
Mooi of mooie gezichtje
Groot of grote gezichtje
Half of halve gezichtje
Grappig of grappige gezichtje
Leeg of lege gezichtje
leuk of leuke gezichtje
Vet of vette gezichtje
Snel of snelle gezichtje
Wit of witte gezichtje
Klein of kleine gezichtje
Rood of rode gezichtje
Dik of dikke gezichtje
Oud of oude gezichtje
Goed of goede gezichtje
Wat rijmt er op gezichtje
Elk of elke: Elk gezichtje
Aanwijzend voornaamwoord: Dat gezichtje
Bezittelijk voornaamwoord: Ons gezichtje
Wat rijmt er op gezichtje
Buigings-e:
Mooi of mooie gezichtje
Groot of grote gezichtje
Half of halve gezichtje
Grappig of grappige gezichtje
Leeg of lege gezichtje
leuk of leuke gezichtje
Vet of vette gezichtje
Snel of snelle gezichtje
Wit of witte gezichtje
Klein of kleine gezichtje
Rood of rode gezichtje
Dik of dikke gezichtje
Oud of oude gezichtje
Goed of goede gezichtje
Wat rijmt er op gezichtje
Elk of elke: Elk gezichtje
Aanwijzend voornaamwoord: Dat gezichtje
Bezittelijk voornaamwoord: Ons gezichtje
Wat rijmt er op gezichtje
Oefening van de dag