De of het jusititie?
De jusititie
Is het de of het jusititie
In de Nederlandse taal gebruiken wij de jusititie.

Elke dag een e-mail ontvangen met de oefening?
English: jusitition
Jou of jouw: jouw jusititie
Buigings-e:
Mooi of mooie jusititie
Groot of grote jusititie
Half of halve jusititie
Grappig of grappige jusititie
Leeg of lege jusititie
leuk of leuke jusititie
Vet of vette jusititie
Snel of snelle jusititie
Wit of witte jusititie
Klein of kleine jusititie
Rood of rode jusititie
Dik of dikke jusititie
Oud of oude jusititie
Goed of goede jusititie
Wat rijmt er op jusititie
Elk of elke: Elke jusititie
Aanwijzend voornaamwoord: Die jusititie
Bezittelijk voornaamwoord: Onze jusititie
Wat rijmt er op jusititie
Buigings-e:
Mooi of mooie jusititie
Groot of grote jusititie
Half of halve jusititie
Grappig of grappige jusititie
Leeg of lege jusititie
leuk of leuke jusititie
Vet of vette jusititie
Snel of snelle jusititie
Wit of witte jusititie
Klein of kleine jusititie
Rood of rode jusititie
Dik of dikke jusititie
Oud of oude jusititie
Goed of goede jusititie
Wat rijmt er op jusititie
Elk of elke: Elke jusititie
Aanwijzend voornaamwoord: Die jusititie
Bezittelijk voornaamwoord: Onze jusititie
Wat rijmt er op jusititie
Oefening van de dag