De of het opperhuid?
De opperhuid
Is het de of het opperhuid
In de Nederlandse taal gebruiken wij de opperhuid.

Elke dag een e-mail ontvangen met de oefening?
English: epidermis
Deutsch: Epidermis | Bekijk of het der of die Epidermis is.
Français: épiderme | Bekijk of het Le o La épiderme is.
Jou of jouw: jouw opperhuid
Buigings-e:
Mooi of mooie opperhuid
Groot of grote opperhuid
Half of halve opperhuid
Grappig of grappige opperhuid
Leeg of lege opperhuid
leuk of leuke opperhuid
Vet of vette opperhuid
Snel of snelle opperhuid
Wit of witte opperhuid
Klein of kleine opperhuid
Rood of rode opperhuid
Dik of dikke opperhuid
Oud of oude opperhuid
Goed of goede opperhuid
Wat rijmt er op opperhuid
Elk of elke: Elke opperhuid
Aanwijzend voornaamwoord: Die opperhuid
Bezittelijk voornaamwoord: Onze opperhuid
Wat rijmt er op opperhuid
Buigings-e:
Mooi of mooie opperhuid
Groot of grote opperhuid
Half of halve opperhuid
Grappig of grappige opperhuid
Leeg of lege opperhuid
leuk of leuke opperhuid
Vet of vette opperhuid
Snel of snelle opperhuid
Wit of witte opperhuid
Klein of kleine opperhuid
Rood of rode opperhuid
Dik of dikke opperhuid
Oud of oude opperhuid
Goed of goede opperhuid
Wat rijmt er op opperhuid
Elk of elke: Elke opperhuid
Aanwijzend voornaamwoord: Die opperhuid
Bezittelijk voornaamwoord: Onze opperhuid
Wat rijmt er op opperhuid
Oefening van de dag